Ondernemers keren terug naar Rutte en VVD

Ondernemers keren terug naar Rutte en VVD
Redactie Young Startup
Redactie Young Startup
Young Startup
Den Haag ('s-Gravenhage)
2 jaar geleden
Gepost in Overheid

Na de verkiezingen op 15 maart moet er opnieuw een kabinet komen onder leiding van Mark Rutte, vinden de Nederlandse ondernemers. Een nieuw kabinet zou naast de VVD moeten bestaan uit CDA, D66, GroenLinks en PvdA.

Ondernemers zijn aan de vooravond van de algemene verkiezingen in maart weer beter te spreken over Rutte en de VVD, blijkt uit het Ondernemerspeil, een onderzoek van Kantar Public in opdracht van het FD onder 4000 beslissers in het Nederlandse bedrijfsleven. De voorkeur voor Rutte gaat samen met de waardering voor de prestaties van het vertrekkende kabinet.
Halverwege de rit van Rutte II bleek uit dezelfde peiling dat zowel de man als de partij veel goodwill had verspeeld in ondernemend Nederland. De populariteit is nog niet terug op het peil van vóór de verkiezingen in 2012. Maar met een hogere waardering voor de prestaties van het kabinet, hebben ook Rutte en VVD terrein teruggewonnen bij hun traditionele aanhang.

Eindelijk waardering
Een op de drie ondervraagden zegt op 15 maart op de VVD te zullen stemmen. CDA, PVV en D66 volgen met rond de 10% van de geënquêteerden. Vóór de verkiezingen in 2012 zei 44% van de ondernemers op de VVD te zullen stemmen. Halverwege de regeerperiode van Rutte II zakten de liberalen echter ver weg in de gunst van ondernemend Nederland.
De opleving van de VVD gaat hand in hand met de toegenomen waardering van ondernemers voor het kabinet van de antagonisten VVD en PvdA. 'In 2014 was er heel veel chagrijn onder ondernemers; in retrospectief is er eindelijk waardering voor Rutte II', zegt Tim de Beer van Kantar Public in een toelichting op de onderzoeksresultaten.

Ondernemers geven het kabinet aan het eind van de rit gemiddeld een 6,8 als rapportcijfer. Medio 2014 was dat slechts een 5,4. Meer dan de helft van de ondernemers vond toen dat het kabinet te weinig deed om economische groei en werkgelegenheid te bevorderen. Inmiddels meent 63% dat de groei voldoende is gestimuleerd en zegt 56% dat dit ook geldt voor de werkgelegenheid. Lees het volledige artikel hier