Broers die elkaar aanvullen

Broers die elkaar aanvullen

Boris, die bij mij stage loopt als opleidingskundige, zei pas tegen mij: "Als je over Philips begint gaan je ogen altijd stralen!" Tja, wat is dat toch? Ik heb in ieder geval kunnen studeren met een beurs van Philips. Mijn vader heeft er zowat zijn hele leven gewerkt. Hij had het er prima. Hij kreeg allerlei kansen. Zo ging hij geregeld naar Amerika voor zijn werk. Mijn moeder belde dan met hem op rare tijden. 's Morgens vroeg of juist 's avonds laat. Ik weet het niet eens precies. Het maakte indruk omdat het donker was en mijn moeder in haar pyjama zat te bellen.

In het boek “De Aartsvaders” over ondernemers die Nederland groot hebben gemaakt vond ik ook een verhaal over de mannen achter Philips. In deze blogpost geef ik een kort verslag van de indrukwekkende ontstaansgeschiedenis van het bedrijf waar mijn vader zijn geld verdiende.

Wat me vooral treft is het doorzettingsvermogen en de drift om te ondernemen door letterlijk de wijde wereld in te trekken. En daarnaast de manier waarop de twee broers elkaar aanvullen. Wat zou ik ook graag samenwerken met een compagnon die mijn mindere punten haarfijn zou weten aan te vullen.

Gerard was de techneut. Hij had aan het havenfront in Schotland mooie gloeilampjes gezien. Hij wist ze na te maken en gefinancierd door zijn vader begon hij in Eindhoven een lampenfabriek.. Gerard werkte hard aan de verbetering van de lampjes. Als de kwaliteit er is, komt de kwantiteit vanzelf, was zijn slogan.

Samen met zijn vader besloot Gerard een fabriek te bouwen in Brabant, omdat het een kinderrijke bevolking had, bereid om hard te werken voor een schamel loon. Meisjes vanaf twaalf jaar werkten voor weinig geld lange dagen in de fabriek. Op klompen en met blauwe voorschoten. Onder de handjes van de Philipsmeisjes liep de productie tussen 1892 en 1893 op van elfduizend tot vijfenveertigduizend gloeilampen.
Echte nijverheid.

Anton, de jongere broer van Gerard, was de handelsreizeiger. Met een monsterkoffer vol gloeilampen reisde hij derde-klas per trein door Nederland, Belgie en het Duitse Ruhrgebied, vervolgens naar Engeland, Frankrijk, Italie en Spanje.

Rusland

In 1898 sloot hij naar eigen zeggen met de hofmaarschalk van de tsaar in St Petersburg een order af van vijftigduizend lampen voor in de kristallen kroonluchters. Het was zijn geluk dat Rusland in een keer overging van petroleum lampen naar gloeilampen en de fase van gas oversloeg. Hij kwam op het juiste moment op de juiste plek.

Anton ging in Rusland langs alle steden, zelfs in de winter, wanneer vertegenwoordigers van de concurrenten thuisbleven, zette hij door en gingen zijn reizen voort. Hij werd al snel een bekendheid. Hij wist overal vrienden te maken.

En wat ik ook zo mooi vind: Vaak kwam Anton terug onder de vlooie-en luizebeten, met uiterst bescheiden onkostendeclaraties.

Iets om wat van te leren als startende ondernemer.